Er is in zorg en welzijn sprake van schijnzelfstandigheid; op basis van wet- en regelgeving zou een deel van de zzp’ers feitelijk in loondienst werkzaam moeten zijn. Daarnaast bestaat er bij werkgevers veel onduidelijkheid over de interpretatie van de wet DBA.
Er is brede vraag vanuit het veld naar handhaving van de wet DBA om zo ‘de achterdeur’ dicht te kunnen zetten, maar er ligt hier nadrukkelijk een primaire verantwoordelijkheid voor opdrachtgevers en opdrachtnemers. De handhaving vanuit de Belastingdienst is erop gericht dit te ondersteunen (bevorderen compliant gedrag).
Om naleving te ondersteunen zien veldpartijen en VWS een kans in een fiscaal kader om vanuit zelfregulering toe te werken naar het terugdringen van oneigenlijk zzp-schap.
Door een aantal brancheorganisaties is een kader opgesteld hoe om te gaan met de inzet van zzp’ers binnen de zorg. Op korte termijn zal een gesprek plaatsvinden tussen indieners en SZW, VWS, Fin en BD om met elkaar te verkennen hoe dit fiscaal kader voor de inzet van zzp’ers zich verhoudt tot geldende wet- en regelgeving en de handhaving daarvan door de Belastingdienst.
Opheffing Wet DBA
– ACM –
Wat kan wel!
De transformatie van werk, waarvan regionaal werkgeverschap onderdeel uitmaakt, is een van de belangrijkste sleutels tot een duurzame toekomst voor de sector zorg en welzijn. Op verschillende onderwerpen worden verkenningen gedaan om uit te zoeken hoe ze bij kunnen dragen aan de transformatie van werk. Eén daarvan is de uitwisseling van personeel tussen zorgorganisaties en het btw vraagstuk daaromtrent. Dit biedt enerzijds een oplossing voor het personeelstekort en anderzijds maakt het werken in zorg en welzijn aantrekkelijker door bijvoorbeeld verbeterde loopbaankansen en een betere werk-privé balans voor medewerkers.
Aanleiding
Als zorgorganisaties samenwerken op het gebied van personeel, willen ze ook de kosten op personeel delen. Zorgorganisaties lopen dan tegen de btw-heffing van 21 procent aan. Vanuit de sector komt het signaal dat het hiermee duurder wordt en daardoor voor sommigen minder aantrekkelijk.
Vanwege de technische complexiteit van het thema btw bij uitleen van personeel, hebben zorgorganisaties gevraagd om duidelijk aan te geven wanneer er btw-vrij personeel kan worden uitgeleend. Hier is in samenwerking tussen het ministerie van FIN en VWS een aangepast beleidsbesluit voor opgesteld, die de mogelijkheden schetst om btw vrij personeel uit te lenen.
Gebruik maken van de mogelijkheden
Er zijn onder voorwaarden mogelijkheden om btw-vrij personeel uit te wisselen. Het gaat dan om moderne loondienstverbanden waarbij medewerkers btw vrij kunnen worden ingezet onder de vrijstelling: ‘niet structureel uitlenen van personeel onder de reikwijdte van een wettelijke btw-vrijstelling’. Mogelijkheden:
Ook het uitwisselen van personeel kan gezien worden als een ‘nauw samenhangende activiteit’. Er gelden dan de volgende voorwaarden:
Voldoen de uitlener en de inlener aan bovenstaande voorwaarden, dan is het mogelijk om btw vrij personeel uit te lenen. Zie voor de precieze voorwaarden paragraaf 5.3 van het beleidsbesluit.
Ter verduidelijking van wanneer gebruik kan worden gemaakt van de BTW-vrijstelling, is onderstaand schema beschikbaar.
Pot/poule overeenkomst
Een andere manier om personeel btw-vrij bij meerdere organisaties te kunnen inzetten is door gebruik van de pot/poule overeenkomst. Zie voor de precieze voorwaarden paragraaf 3.2.3 van het beleidsbesluit: Staatscourant 2024, 17448 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen (officielebekendmakingen.nl)
Dit is een modern loondienstverband waarbij samenwerkende zorginstellingen één gezamenlijke arbeidsovereenkomst sluiten met een zorgmedewerker en de salariskosten verdelen via een potovereenkomst. Het ministerie van VWS heeft deze manier van regionaal werkgeverschap samen met de belastingdienst, het ministerie van SZW en veldpartijen de afgelopen tijd onderzocht. De conclusie is dat deze vorm theoretisch uitvoerbaar is en er ligt nu een voorbeeld potovereenkomst die hiervoor gebruikt kan worden. De komende maanden wordt onderzocht in hoeverre deze vorm in de praktijk uitvoerbaar blijkt. Uiterlijk in het voorjaar van 2026 zullen wij de resultaten hiervan delen op deze website.
Onderaanneming van een zorgprestatie
Uitlener maakt afspraken met de inlener over resultaat, inhoud en kwaliteit; er is hierbij geen sprake van uitlenen van personeel). Zie voor de precieze voorwaarden paragraaf 3.5 van het beleidsbesluit: Staatscourant 2024, 17448 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen (officielebekendmakingen.nl)
Deze vorm van regionaal werkgeverschap wordt bijvoorbeeld gebruikt in de situatie waarin een regionale organisatiestructuur een bepaalde prestatie (bijvoorbeeld praktijkondersteuning) uitleent aan een individuele organisatie). Deze vorm wordt op kleine schaal gebruikt. De komende maanden wordt onderzocht in welke mate deze vorm opschaalbaar is.
Bij domeinoverstijgend samenwerken kunnen de veelheid en verscheidenheid van de cao’s ingewikkeld zijn. Vaak kennen cao’s ook een zeker mate van overlap. De organisatie Functie Waardering Gezondheidszorg (FWG) denkt mee hoe hiermee om te gaan en heeft bijvoorbeeld een overzicht van alle cao’s en vergoedingen.
Als je met andere werkgevers wil samenwerken op de arbeidsmarkt in een vorm van gezamenlijk werkgeverschap, dan moet de samenwerking voldoen aan de concurrentieregels. In Nederland is het de Autoriteit Consument & Markt (ACM) die dit landelijk toetst. De ACM heeft, mede op basis van een aantal regionale initiatieven, een guidance opgesteld. Deze guidance helpt werkgevers om te bepalen wat er wel mogelijk is en wat niet.