Gericht beleid begint met helder inzicht en overzicht. Arbeidsmarktdata vormen hiervan het fundament.
Op deze pagina vind je belangrijke landelijke arbeidsmarktcijfers van de sector zorg en welzijn. We nemen je mee in de actuele ontwikkelingen binnen de sector, en bieden handvatten om mogelijke arbeidsmarktgerelateerde problemen aan te pakken of juist door te pakken op de positieve punten.
Nadat in 2025 al ieder kwartaal een stijging zichtbaar was in de omvang van de sector, is ook in het eerste kwartaal van 2026 de stijging aanwezig, ondanks toenemend personeelstekort. De cijfers laten zien dat in het eerste kwartaal van 2026 er bijna 1,55 miljoen werknemers (1.555.000) werkzaam waren in zorg en welzijn. De meest recente cijfers van de zelfstandigen zijn van eind 2025. Net als in de voorgaande kwartalen is het aantal zelfstandigen lager dan een jaar eerder. Dit is waarschijnlijk als gevolg van de (aangekondigde) handhaving op schijnzelfstandigheid. Ten opzichte van een jaar eerder, zijn er 28.000 zelfstandigen minder in de sector werkzaam eind 2025 (resp. 192.000). Echter, er zijn wel (weer) meer zelfstandigen in de sector werkzaam dan in het derde kwartaal (+8.000).
In het laatste kwartaal van 2025 stroomde een recordaantal personen (200.200) de sector in; het eerste kwartaal van 2026 laat zien dat er iets minder personen instroomden (196.400) maar niet eerder stroomden er in het eerste kwartaal van een jaar zoveel personen in. Daarentegen is de uitstroom (150.800) in het eerste kwartaal van dit jaar lager dan in dezelfde periode in voorgaande jaren. Daarmee was er in het eerste kwartaal een positief saldo van 45.600 personen.
Helaas heeft de stijging in het (voortschrijdend) verzuimpercentage ook doorgezet. In het eerste kwartaal was het percentage 8,2% wat in lijn is met voorgaande eerste kwartalen. Echter, het voortschrijdend verzuim is verder gestegen naar 7,6%. Deze stijging is met name het gevolg van werknemers die langere tijd verzuimen.
Ondanks dat er een hogere instroom is dan uitstroom, is het aantal openstaande vacatures nog steeds erg hoog. Hoewel de sector dus groter is dan ooit, blijft het tekort in zorg en welzijn nijpend.
Hoewel de relatie niet één op één zichtbaar is, laten de belangrijkste cijfers van de arbeidsmarkt van zorg en welzijn nu wel zien dat de handhaving op schijnzelfstandigheid impact heeft. In de kwartalen hiervoor en daarmee de aanloop naar de handhaving zagen we nog minimale verschillen maar daar is nu verandering in gekomen. De sector is groter dan ooit maar kampt aan de andere kant ook met een recordaantal openstaande vacatures. Het gat tussen vraag en aanbod is groot wat zorgt voor druk op de werkenden (in loondienst). Het voortschrijdend verzuimpercentage is stabiel en de verwachting is niet dat hier de komende jaren een positieve verandering in gaat komen.
Organisaties die niet meer met zelfstandigen werken, zullen op andere manieren de openstaande vacatures op moeten vullen of de werkzaamheden moeten afschalen. Het is positief om te zien dat er nog steeds een beduidend hogere instroom is dan uitstroom van de sector. De sector slaagt er dus nog steeds in om meer professionals aan te trekken en juist nu zelfstandigen in loondienst zijn gekomen, is het een goed moment om in te spelen op hun behoeften om ze ook in loondienst te houden.
Aantrekken aan de voorkant is enkel zinvol als de deur aan de achterkant gesloten is (of op een kier staat voor professionals die o.a. de pensioengerechtigde leeftijd bereiken). Iedere vrijwillig vertrekkende professional is er één teveel. Eén van de mogelijkheden om inzicht te krijgen in de vertrekredenen van personeel, is via het landelijke uitstroomonderzoek zorg en welzijn.
Instroom vanuit het onderwijs, het sectorrendement, is op dit moment nog stabiel maar als gevolg van verminderde instroom in het onderwijs worden de instroomaantallen in de sector mogelijk ook lager. Het is voor werkgevers belangrijk om zich naast het aantrekken van gekwalificeerd personeel vooral te focussen op het behoud van personeel en dus de achterdeur zoveel als mogelijk gesloten te houden. Personeel in brede zin: werknemers maar ook ingehuurd personeel.
Dit vraagt van werkgevers het kennen van en waar mogelijk tegemoet komen in de wensen en behoeften van het personeel om te voorkomen dat ze de organisatie, branche of zelfs de sector verlaten. De in december 2025 verschenen prognoses van zorg en welzijn voor 2035 laten zien dat de verwachte tekorten wederom groter zijn dan eerder verwacht. Het is dus van groot belang om niet alleen met de huidige arbeidsmarktproblemen bezig te zijn, maar vooruit te kijken naar de toekomst en maatregelen te treffen die ook op de lange termijn positieve effecten hebben.
De permanente personeelstekorten en de stijgende zorgvraag zetten druk op de continuïteit en kwaliteit van de zorg. RegioPlus ziet de problemen op de arbeidsmarkt in zorg en welzijn als een gezamenlijke maatschappelijke opgave die alleen kan worden opgelost als werkgevers, professionals en burgers samenwerken. Dit vraagt van werkgevers om anders te denken en te handelen: werkgevers moeten het werk vernieuwen en aantrekkelijker maken. Banen moeten worden aangepast op mensen, niet andersom.
Daarnaast is een transformatie van de sector nodig. Dit vraagt om modern, innovatief werkgeverschap. RegioPlus pleit hierbij voor sterkere regionale samenwerking tussen werkgevers, bijvoorbeeld in de vorm van regionaal werkgeverschap. Gezamenlijk hebben werkgevers en andere stakeholders (onder andere onderwijs, gemeenten) de kracht om impact te maken: individueel is dit een lastige opgave. Door modern werkgeverschap wordt er meer perspectief geboden aan professionals, en kunnen ze niet alleen baanzekerheid maar ook loopbaanzekerheid verkrijgen. Zo wordt de instroom in de sector vergroot en de uitstroom juist beperkt.
Beter beleid dankzij data
RegioPlus verzamelt en analyseert grote hoeveelheden data om grip te hebben en houden op de arbeidsmarkt zorg en welzijn. Dit doen we door samen te werken met het landelijke onderzoeksprogramma Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn (AZW) en actief mee te denken met het vernieuwen en verbeteren van het datawarehouse voor Zorg en Welzijn van CBS, maar ook door geanonimiseerde macrodata op het niveau van functies van het PensioenFonds Zorg en Welzijn (PFZW) te analyseren. Op deze manier zijn de regionale werkgeversorganisaties en RegioPlus continu op de hoogte van belangrijke ontwikkelingen en ondersteund met het Prognosemodel Zorg en Welzijn ontwikkeld door ABF Research in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.




